Fritz Wotruba - 1907 - 1975
Wotruba
Van 1937 tot 1945 verruilde Wotruba Oostenrijk voor Zwitserland. Na de
Tweede Wereldoorlog kreeg hij in Oostenrijk een leerstoel aangeboden op
de afdeling beeldhouwkunst van de Weense Academie voor Beeldende Kunst.
Zijn werk was inmiddels veranderd: onderwerp was nog steeds de
mensfiguur, in elementaire houdingen – staand, zittend of liggend – ,
maar het realisme had hij verlaten. Met zijn samenstellingen uit
cilinders en blokken probeerde hij niet de lichamelijke
realiteit, maar de psychische gelaagdheid van de mens uit te
beelden. Doordat hij een geometrische vormentaal hanteerde, wordt
Wotruba ten onrechte nogal eens met het kubisme in verband gebracht.
Doorgaans werkte Wotruba in steen: zelden in gladde steensoorten als
marmer, maar meestentijds in een korrelige steen als kalksteen, die hij en taille directe bewerkte.
Bij deze techniek wordt de steen niet gepolijst: sporen van het
gereedschap blijven regelmatig op het definitieve beeld zichtbaar. Soms
werden deze stenen beelden in brons afgegoten.
Als hoogleraar aan de Academie van Wenen drukte Wotruba zijn stempel op
een belangrijke school van jonge, Oostenrijkse beeldhouwers. Hij
vertegenwoordigde Oostenrijk op de Biënnale van Venetië in 1948 en in
1952. Vanaf de jaren vijftig realiseerde hij talrijke beelden in de
openbare ruimte. Wotruba is in 1975 op achtenzestigjarige leeftijd in
Wenen overleden. Een jaar later werd de naar zijn ontwerp gebouwde
Dreifältigkeitskirche in Wenen gewijd.


