Oorlog en Vrede
Het Beeld
Voor het onderwerp van de bronzen deuren van de Sint Laurenskerk te Rotterdam kreeg Giacomo Manzù de volledige vrijheid. Hij koos niet voor een expliciet religieuze voorstelling, maar voor de verbeelding van oorlog en vrede. Hij zag daarin een metafoor voor de verwoesting van de kerk in mei 1940 en het heropbouw na de oorlog.
Aan de buitenzijde vormen de deuren samen één beeldvlak, waarop het
thema oorlog wordt weergegeven. Hier overheerst geweld en smart. Links
heft een soldaat, de helm bungelend op de rug, zijn mes naar een man. De
man ligt op de grond en maakt een afwerend gebaar. Een kind kijkt
huilend toe, de armen geheven, het gezicht in de grimas van een
schreeuw. Rechts hangt het lichaam van een man slap aan een touw om zijn
middel. Een vrouw licht de lap stof die om hem heen is gedrapeerd op en
bekijkt zijn gezicht.
Boven de deuren, op het timpaan, zijn meerdere figuren gevat in een
scène die de vrede uitbeeldt. Er heerst blijheid en levensvreugde. Hier
speelt zich het gelukkige gezinsleven af, gesymboliseerd door een vrouw
die haar kind speels boven zich uit tilt (gemodelleerd naar Manzù's
echtgenote), een jongeman die een opbollende draperie vasthoudt en een
ontspannen tegen een staf leunende man.
Aan de binnenzijde zijn twee christelijke symbolen weergegeven: de
pelikaan – een verwijzing naar Christus omdat het dier in tijden van
nood zijn jongen met zijn eigen bloed voedt – en een duif, symbool van
de heilige geest.
Specificaties
| jaartal vervaardiging | 1968 |
| locatie sinds | 1968, Grotekerkplein 3, Laurenskwartier, Centrum |
| afmetingen beeld (hxbxl) in cm | 400 x 400 |
| materiaal | Geelkoperlegering/messing |
De Plek
Op 14 mei 1940 werd een groot deel van de Rotterdamse binnenstad verwoest door het bombardement. Ook de Sint Laurenskerk, een Gotische kerk uit de vroeg vijftiende eeuw, gewijd aan de patroonheilige van Rotterdam, ontkwam niet aan dit oorlogsgeweld. Alleen de toren en enkele muren bleven overeind. Desondanks werd in 1952 besloten de kerk volledig te herstellen.
Rotterdam kende het autonome werk van de Italiaanse kunstenaar Giacomo
Manzù al van de ‘Mostra-tentoonstelling’ van Italiaanse kunst in de
Rotterdamsche Kunstkring en van de Floriade in 1960. In 1963 kwam het
vooruitzicht op een permanent, toegepast kunstwerk toen het bedrijf
Pakhuismeesteren ter gegelegenheid van haar honderdvijftig jarig bestaan
bronzen deuren voor de kerk wilde schenken. Omdat Manzù zich op dit
gebied reeds had bewezen werd hij via de directie van Museum Boijmans
Van Beuningen voor de opdracht benaderd.
Aanvankelijk aarzelde Manzù. Hij wilde eigenlijk de religieuze thema´s
achter zich laten en aan de vaak moeizame verstandhouding met religieuze
opdrachtgevers ontkomen. In december 1963 liet hij weten toch interesse
te hebben. Na enkele voorzichtige verkenningen per post kwam in 1964
een definitieve toezegging van de kunstenaar.
Manzù heeft de opdracht op een bijzondere manier ingevuld. De kerk werd
door de kunstenaar in zijn geheel opgevat als vredesmonument. Als
invalshoek voor zijn ontwerp koos hij de thema's oorlog en vrede,
waarbij hij zich niet vanuit een religieuze, maar juist vanuit een
menselijke gedachte liet inspireren. Van december 1964 tot februari 1968
maakte Manzù vele tekeningen, kleischetsen en bronsmodellen om zijn
ideeën uit te werken. Na de onthulling van de deuren op 22 november 1968
werden deze voorstudies een tijd lang tentoongesteld in Museum Boijmans
Van Beuningen.
Het Essay
De Sint Laurenskerk, grotendeels opgetrokken in de eerste
helft van de vijftiende eeuw, was tijdens het bombardement op de
Rotterdamse binnenstad op 14 mei 1940 bijna geheel verwoest. Alleen
delen van de buitenmuren en de toren stonden nog overeind. Na de oorlog
werd er lange tijd gediscussieerd over het al dan niet restaureren van
de kerk. In 1952 werd hiertoe daadwerkelijk besloten. De nieuwe houten
deuren voor de kerk waren al in de maak toen het opslag- en
overslagbedrijf Pakhuismeesteren in 1963 aangaf de stad Rotterdam
bronzen deuren te willen schenken, ter gelegenheid van het
honderdvijftigjarig bestaan van het bedrijf in 1968. Pakhuismeesteren
vroeg hiervoor de Italiaanse beeldhouwer Giacomo Manzù. Toen in december
1968 de kerk werd heropend, waren ook Manzù’s deuren klaar.
Pakhuismeesteren N.V. was toen inmiddels gefuseerd met de firma
Blauwhoed N.V. tot Pakhoed Holding N.V.
Dat Pakhuismeesteren voor Giacomo Manzù koos was niet vreemd. De
Italiaanse beeldhouwer was in Rotterdam bepaald geen onbekende. Al in
1954 en 1960 waren respectievelijk op de Mostra en de Floriade beelden
van hem te zien geweest. Behalve om zijn verfijnde vrouwenportretten,
sierlijke danseressen en vrouwenfiguren genoot Manzù internationaal
bekendheid met zijn ontwerpen voor kerkdeuren. Tussen 1947 en 1964
werkte hij aan de Poort des Doods voor de Sint Pieter in Rome. Voor de
dom in het Oostenrijkse Salzburg verzorgde hij de Deur van de Liefde.
Genoeg redenen dus om hem te vragen ook de nieuwe bronzen deuren van de
Sinst Laurenskerk te ontwerpen.
Na allerlei problemen met de deuren in Rome en Salzburg had Manzù in
eerste instantie weinig zin in een derde monumentale opdracht vol
christelijke symboliek. Na enige aarzeling liet hij weten op het verzoek
te willen ingaan op voorwaarde dat er geen religieuze thematiek aan te
pas hoefde te komen. In Rotterdam was men blij met zijn toezegging én
zijn voorwaarde. Eerder waren er kanttekeningen geplaatst bij het
aantrekken van een buitenlandse katholieke kunstenaar die zelfs
opdrachten van de Paus kreeg. "Hoe moeten we reageren wanneer zijn
voorstellen naar wierook ruiken?", vroegen de opdrachtgevers zich af. De
beeldhouwer werd gerustgesteld; de kerk zou niet alleen voor de
eredienst bestemd zijn, maar zou ook functioneren als cultureel centrum.
In maart 1964 ontving Manzù de maten van de deuren, enkele foto’s en
bouwtekeningen. Ruim een half jaar later berichtte de kunstenaar dat hij
werkte aan een stel deuren met als thema ‘oorlog en vrede’. Toen een
delegatie uit Rotterdam in 1965 bij Manzù’s de eerste ontwerpen ging
bekijken, was men direct enthousiast.
De combinatie van de thema’s oorlog en vrede binnen één kunstwerk
leverde Manzù echter problemen op. Hij werkte van november 1965 tot
februari 1968 aan het ontwerp voordat hij tot een voor hem bevredigende
oplossing kwam. Van het begin af aan was het halfronde gevelveld boven
de deuren bestemd voor de verbeelding van de vrede, terwijl het thema
van de oorlog op de deuren zelf zou worden uitgebeeld. Binnen de twee
compositievelden is er tussen 1965 en 1968 echter heel wat veranderd,
zoals duidelijk wordt uit de verschillende schetsen en voorstudies die
kort na de ingebruikname van de kerk zijn tentoongesteld in Museum
Boymans–van Beuningen.
Manzù koos voor een vrij klassieke interpretatie van het thema ‘oorlog
en vrede’. Zo geeft hij de vrede weer door middel van een familie: een
staande vader, een half liggende moeder die een baby boven haar hoofd
tilt, en tussen de ouders een jonge, spelende naaktfiguur met een
wapperende doek. De oorlog verbeeldt hij heel concreet met een soldaat
die met een mes op iemand inhakt, terwijl aan zijn voeten een
schreeuwende baby ligt. Een gegeven dat ontleend lijkt aan het
bijbelthema van de ‘onschuldige kindermoord’. Ook geeft hij een vrouw
weer die het gezicht van een dode, hangende man probeert te bekijken;
een beeld dat aan Goya’s Los Desastros de la Guerra doet denken.
De voorstellingen voor de Sint Laurenskerk, zijn niet zoals in Salzburg
en Rome in meerdere los van elkaar staande reliëfvelden op de deur
bevestigd, maar bestaan uit een reliëf dat over beide deuren loopt en
een tweede reliëf in de boogvorm boven de deuren. Om een visuele
verbinding te maken tussen beide reliëfs heeft Manzù als een ‘trait
d’union’ een draperie opgehangen. Ook in zijn eerdere werk, waaronder
strak gestileerde beelden van kardinalen, spelen stoffen en hun plooival
een belangrijke rol. Nog niet eerder heeft hij dit motief echter zo
vrij gehanteerd. Het doek dat de naakte figuur in het bovenste reliëf
met zich meetrekt bijvoorbeeld, is zo levendig en levensecht dat het
lijkt of de wind ermee speelt. Opmerkelijk is dat Manzù, ondanks zijn
aanvankelijke bezwaren tegen het gebruik van christelijke symboliek, aan
de binnenzijde van de deuren een kleine duif en een pelikaan met jong
heeft weergegeven. Deze vogels symboliseren van oudsher de Heilige Geest
en Christus. Manzù geeft ze echter niet op de traditionele manier weer.
Het jong van de pelikaan drinkt geen bloed uit de opengepikte borst van
de ouder, maar steekt in plaats daarvan zijn snavel in diens bek.
Manzù heeft in zijn Rotterdamse deuren het thema ‘oorlog en vrede’ op
kernachtige en realistische weten te verbeelden. Het contrast tussen de
lieflijke scène die de vrede verbeeldt en de rauwe meedogenloze
oorlogsscène is even groot als het contrast tussen de gestileerde
figuren in licht reliëf en de zwaar plastisch uitgewerkte draperieën.
Daarom zijn deze deuren een hoogtepunt binnen Manzù’s oeuvre. Na de
voltooiing van het werk zei hij: "Nog nooit is mij bij een opdracht van
deze omvang zoveel vrijheid gelaten of zo weinig voorgeschreven." Het is
duidelijk dat hij door die vrijheid tot grote hoogte kon stijgen.
Sandra Spijkerman
Literatuur:
tent.cat. Museum Boymans-van Beuningen, Giacomo Manzú: Oorlog en Vrede.
Tekeningen en studies in brons voor de deuren van de St. Laurens,
Rotterdam. Met medewerking van Blida Heynold von Graefe, Vlaardingen,
1968.
H.H. Arnason, History of Modern Art, London, 1985, pp. 555-558.
Archief
Op 14 december 1968, meer dan 28 jaar nadat de Grote kerk verwoest werd, is ze opnieuw officieel in gebruik genomen.
De beeldhouwer Manzú is vooral bekend om zijn kerkdeuren in de domkerk van Salzburg en de St. Pieterskerk in Rome. Manzú heeft de Laurenskerk...
De Sint Laurens heeft zijn bronzen deuren. Na meer dan 28 jaren zijn kerk en toren weer compleet en over enkele weken zal deze herrijzenis worden gevierd.
De Italiaanse beeldhouwer Giacomo Manzú heeft jaren aan de opdracht van de bronzen deuren gewerkt. In de periode van december 1964 tot februari 1968...
Marini en Manzù in Beelden aan Zee
Twee kunstenaars die, in onderlinge rivaliteit en via verschillende wegen, de klassieke figuratieve beeldhouwkunst tot een verrassend nieuw...


